Koninklijke Nederlandse Oudheidkundige Bond [Editor]
Bulletin van den Nederlandschen Oudheidkundigen Bond — 1.1899-1900

Page: 88
DOI issue: DOI article: DOI article: DOI article: DOI Page: Citation link: 
https://digi.ub.uni-heidelberg.de/diglit/bulletin_knob1899_1900/0098
License: Free access  - all rights reserved Use / Order
0.5
1 cm
facsimile
88

en de daarbij behoorende Memorie van Toelichting wordt het oude
Rechthuis voortdurend genoemd «het Dinghuis«, vermoedelijk naar de
hier gehouden hoofddingen en springdingen van het gericht van Selwerd.
Die naam Dinghuis is echter, zooal niet een onjuiste, dan toch zeker
een onhistorische naam. Het publiek spreekt intusschen nog steeds van
de hoofdwacht. Het is voorzeker wenschelijk, dat nu het gebouwtje
tot de oude vormen van 1509 is teruggebracht, ook de oude naam
»het Olde Rechthuis* weder in eere worde hersteld.

J. A. F.

Restauratie van een gevel te Dordrecht.

Door de Vereeniging tot instandhouding van oude gebouwen te
Dordrecht werd in het begin dezer maand eene circulaire verspreid om
gelden bijeen te brengen voor de restauratie van een geveltje Nieuwstraat
33, van omstreeks 1610, hetwelk bij alle liefhebbers bekend is om het
sierlijk metselmozaiek en tot de merkwaardigste gevels behoort in deze
aan sierlijke burgergevels zoo rijke stad. Eene aanvraag om Rijkssubsidie
werd geweigerd daar de hiervoor beschikbare fondsen gehalveerd waren
door het bekende amendement.

De restauratiekosten worden begroot op f1200.—, welk bedrag
echter op verre na nog niet is volteekend. Nog vele bijdragen van
belangstellenden, ook buiten Dordrecht, zijn vercischt wil de restauratie
verzekerd zijn.

Reventer van het Bethlehemsche klooster te Zwolle.

In de vergadering van de Ver. tot beoefening van Overijselsch
Regt en Geschiedenis deed de heer Hoefer een woord van protest hooren
tegen een daad van wandalisme, die, naar hij vernomen had, misschien
in Zwolle stond te worden bedreven. Zwolle is arm aan bouwwerken
uit den ouden tijd; tot de weinige bewaard geblevene behoort het z.g.
reventer naast de Bethlehemsche kerk. Dit gebouw is het refectorium,
de spijszaal van het in 1308 gestichte Bethlehemsche klooster.

Het merkwaardigste van het gebouw is het gelukkig thans nog
gaaf bewaarde traptorentje, een bouwwerk, bijzonder schoon in zijn
soort en waarvan hier te lande de weerga niet is. En nu schijnt er het
voornemen te bestaan, om het reventer met zijn unieke trap, tegelijk
met het achterliggend huis, geheel te sloopen, ten einde op die plek
een nieuw stadhuis te bouwen! De heer Hoefer kon zelfs meededen,
dat hij met eigen oogen de plannen had gezien.

Het gevolg van het warme en tevens zaakrijke pleidooi van den
loading ...