Koninklijke Nederlandse Oudheidkundige Bond [Editor]
Bulletin van den Nederlandschen Oudheidkundigen Bond — 2.Ser. 7.1914

Page: 195
DOI issue: DOI article: DOI article: DOI Page: Citation link: 
https://digi.ub.uni-heidelberg.de/diglit/bulletin_knob1914/0208
License: Free access  - all rights reserved Use / Order
0.5
1 cm
facsimile
In Delaborde’s Ducs de Bourgogne 1423—1433 staat »pour la fa9on et estoffes
d’une autre robe de brunette fourrée d’aigneaulx a V plois faicte pour Mds. a la fagon
de Hollande", iets verder weer »d’une robe a la facon de Hollande oudit puc de Lille a
V plois fourrée de martres”. Heeft men hier met een bepaalde Hollandsche mode te
doen? Men zou geneigd zijn het te gelooven.

IMA BLOK.

IN MEMORIAM.

Leuven.

De oorlogsgeesel woedt over een groot deel van Europa. De opwinding door
den strijd, de groote vermoeienis en de hevige gemoedsaandoeningen, maken in de streken,
waar de legermachten strijden, dat van beide zijden daden worden verricht, die in gewone
omstandigheden algemeen ons afgrijzen zouden wekken. Door den oorlog zijn de men-
schelijke gevoelens verstompt en lang bedwongen dierlijke hartstochten worden ontketend.
Welke partij hierin het verst is gegaan en wie de meeste schuld treft, is thans nog
niet uit te maken, daar nagenoeg alle berichten, die tot ons komen, partijdig zijn gekleurd
en wij zelf nog te veel medeleven in den strijd. Eerst later zal de historicus met
onbevangener blik de daden kunnen beoordeelen en trachten ieders verantwoordelijkheid
vast te stellen.

Oorlog is een uitzonderingstoestand en vele, op zich zelf onverdedigbare daden
schijnen althans eenigszins te verontschuldigen door de omstandigheden, waaronder zij
worden verricht. Doch ook hierbij is eene grens en die grens is verre overschreden door
hetgeen te Leuven is geschied.

De strekking van den oorlog is om den tegenstander zooveel mogelijk te treffen
en schrik en ontsteltenis te brengen in het land van den vijand. Diens legermacht moet
bestreden worden en daarnaast eischt de eigen veiligheid, dat ook tegen dé non-combatanten
met de grootste strengheid worde opgetreden, wanneer dezen zich in den strijd mengen.
Vele onschuldigen worden daarbij getroffen, het is verschrikkelijk, doch het schijnt
eenmaal onafscheidelijk van den krijg. Doch evengoed als het liefdewerk van het Roode
Kruis van beide partijen bescherming eischt, evengoed eischt de algemeene beschaving,
dat zooveel mogelijk gespaard worde, wat op het gebied van wetenschap en kunst
behoort tot het hoogste, wat de grootste kunstenaars hebben voortgebracht. Dit toch is
van internationale beteekenis en onmisbaar voor de studie en de ontwikkeling van de
menschelijke beschaving. Verwoest geluk, vertrapte velden, in den strijd gevallen krachten
zijn haast onherstelbare verliezen, doch de tijd heelt deze wonden, hoe smartelijk ook.
Maar de vernietigde kunstschatten zijn niet te vervangen en geen krijgsroem kan opwegen
tegen de blaam, die hem treft, die opzettelijk de edelste uitingen van de grootste kunstenaars
aan vernietiging prijs geeft. Daarmede wordt een diepe wond gereten in aller hart, daarmede
wordt een onherstelbare schade toegebracht, niet alleen aan het ongelukkige land, dat

195
loading ...