Universitätsbibliothek HeidelbergUniversitätsbibliothek Heidelberg
Metadaten

Scamozzi, Vincenzo
Grontregulen der bow-const: ofte de vytnementheyt van de vyf orders der architectura — Amsterdam, 1658

DOI Page / Citation link: 
https://doi.org/10.11588/diglit.1449#0112
Overview
loading ...
Facsimile
0.5
1 cm
facsimile
Scroll
OCR fulltext
y>an Vincent Scamotg}. £3

geobfèrveeit borden 't gene wy in 't begin van dit Capittel ghefèydt hebben, de Archi jfu]len in haer
hooghte vandè vlacke naer boven toe tweemael fbo veel zijn als hare breedte, ende ? van 't Modulo
daer en boven. Van haer opperfte hooghte tot onder de Arehitrave is eenModulo overigh voor de
hooghte van't Serraglio, ende lbo maeckenfe juyft de hooghte vande Pedeftalen ende Colommen.
De Arehi zijn van een half cirkel, ende voor 't gelicht 't welck de Agetto vande Impofte wegh neemt,
wort voor 't meelt £ ende \ van 't Modulo gegheven, de Impofta van waer de Archo begint te krom-
men , moet alfoo hoogh zijn als 't Fregio, ende de Cornice vande principale poorten , behalven de
Orlo ende rechte Gola. 't Front vande Archivolto fal»zijn, ende! vande breedte van zijn licht, en-
de lbo veel fal oock zijn het onderfte van't Serraglio vande Archo, ende moet van daer nae boven »
toe fich allenghfkens verbreeden, ende zijne hooghte is een Modulo. Vande Ornamenten der Ser- cq.it.
ragli hebben wy elders genoegh ghelproken.

In dele verdeelinghe komen de Modiglioni heel wel, lettende een recht teghen elcke Colomna,
ende teghen elcke Pilaftri over, tulïchen welcke 14 Spatij met een Modiglion in 't midde komen,
welck wel te pas komt, alfmen 't Frontelpicio infgelijcks maecken wil, ende hier moeten de lief-heb-
bers mereken, datin alle Cölomnatï, ende Archi van dit Romeynfche Order, de verdeelinghen der
Modiglioni ende haef Spatij juyft uytvallen, ende van d een midde tot d andere vande Mödiglions
met begrijpende het Spacio, daer zijn ^ ende § van't Modulo. De Vleughelkens boven de Canto-
naten met haer verminderinghe gaen nae de verdeelinghe vande Modiglioni toe, en't begin vandè
Cornice, ende fymoghenhare Bafi ende Capitelen van gheheele of minder hooghte hebben. Aen-
gaendehetdack, 't Frontelpicio van de Acroteri, ende andere dinghen voor defe Archi bequaem
zijnde daer kan gheobfer veert worden wat wy elders ghefèydt hebben, om een dingh niet dickmalen c*f. 1 j.
te wederhalen.

De proportien van de principale Poortezijn defe, de hooghte daer de Pedeftalen op ftaen, tot de
hooghte vande Impofta vande Archi. moet verdeelt zijn in 17 ende; deelen, daer in begrepen het
gheenede rechte Gola ende Orlo wegh-neemt. De hooghte van't licht fal 14 ende { onderzijn,
't welck juyft tot f komt, van't vlacke tot onder de Arehitrave; zijne breedte van onderende van
boven, (om dat de felve, ghelijck een weynigh te vooren ghefeyt is geworden, niet vermindert wort)
magh zijn 6 deelen ende I, ende fo waftfe vande twee quadri of vier deelen tot l vande grootnis van 't
Limitare, ende dan maecktmen vande bovenfte 3 deelen het Ornament van de Poorte felf, van welc-
ke een deel de Architravetoe komt,ende lbo groot moeten de Erten of Stijlen in Front zijn, de Fre-
gio komen? toe, ende de Cornice naer het Loot een deel ende *, behalven 't Orlo ende de rechte
Gola, (ghelijck wy een weynigh te vooren ghefeyt hebben) ende komt tot een: als die in 1 ƒ deelen
verdeelt zij n, ende de Impofta is dan juyft alfoo veel als dat Cornice, ende 't Fregio, ende de leden
vande eene verghelèlfchappen fich veel met de leden vande andere.;

Aengaende de andere dinghen, welcke tot de volmakinghe van dele poorten noodigh zijn, met
den Nicchi ende Venfteren, daer moet gheobfèrveert worden 't ghene welcke wy kort te vooren ge-
feydt hebben. In de volghende ontwerpinghe zijn alle dingen voorgeftelt welcke noodigh zijn voor
dele Archi, ende de verdeelinge vande beweeghlijcke poorten met hare quadri of vierkanten ende
Recinti, ende alle andere dinghen verghelèlfchappen haer wel. Vande leden endeformen vande
Pedeftalen, Colommen, Ornamenten ende Impoften fal ghelproken worden een weynigh hier ach-
ter, ende daer lal ick hare Sacomen inde ontwerpinghe bethoonen.

Vande proportien ende particuliere maten vande Pedeftalen ,Bafen ende andere deelen

vande Romeynfche Order, ende infghelijcks vande Capitelen ende Orna-
menten op hare Colommen. Cap. 2.6.

E Colomna vande Romeynfche Order begrijpt in fich de Cimbia ende een Ton-
dino aende voeten, alfowel voor fich felfs als voor een Ornament vande Balè,rontf-
omde Schacht zijn 24 Canalen verdeelt, hare grooten onder malkander, fflagh-*-
zijn, ende | van haer breedte, ende moeten in 't midden wat diep zijn, de planta of
Soolen vande Bafe fal van een Modulo geformeert zijn,ende een weynigh meer dan
| voor 't quadro: ende defe komen den Sporti van beyde deelen toe, fy is een half
Modulo hoogh ,• verdeelt in 6 deelen,zijne leden zijn <J,het cirkelrondt, namelijck
Thora, Liftello, Cavetto, Liftello, Aftragalo, (of Tondino) ende de onderfte Thoro, ende dan de
vierkantighe Tafel, welcke boven de Pedeftalen zijnde, verghefèlfchapt haer wel met de Cimacia:
dele leden hebben voor haer Agetti 1 van 't Modulo, of een weynigh meer, vanden welcke de twee
Thori moghen in ghelheden worden.

Onder aen de Bafa is het Pedeftael, het welck zijnde i ende \ vande Colomna, komt juyft tot drie
Moduli hoogh, wordt in 8 deelen verdeelt, een voor de Cimacia, f voor de tronco of quadro, ende
tweevoor het Bafament met zijne leden. De hooghte vande Cimacia is I van't Modulo, wordtinó
deelen verdeelt ende » ende een half, zijne leden zijn 8, Orlo, Cimacio, Fafcia, Liftello, beckighe
Vovolo, Tondino, Gradetto ende de onderfte Goletta, het Cimacio, het Vovoio ende de onderfte

X a Goletta
 
Annotationen