Koninklijke Nederlandse Oudheidkundige Bond [Editor]
Bulletin van den Nederlandschen Oudheidkundigen Bond — 2.Ser. 5.1912

Page: 176
DOI issue: DOI article: DOI article: DOI Page: Citation link: 
https://digi.ub.uni-heidelberg.de/diglit/bulletin_knob1912/0188
License: Free access  - all rights reserved Use / Order
0.5
1 cm
facsimile
omtrent hij meent zoo goed op de hoogte te zijn, ten minste goed te spellen. De heer-
lijkheid heet immers niet Sohnsleld maar Sonsfeld.

Helaas wordt aan de juiste schrijfwijze van namen wel eens meer wat al te weinig
zorg besteed. Is aan de redactie van dit «Bulletin” niet nog op p. 119 van dezen jaargang
de in een Hollandsche mededeeling zeker zonderling uitziende schrijfwijze Willem van
Juliers ontsnapt? E. W. MOES.

Aangezien de aan Friesland gewijde afleveringen tijdig vóór de algemeene vergadering
moesten verschijnen, was het ónmogelijk om te wachten op een eventueel verweer van
den heer Moes.

Wij hebben hem de gelegenheid hiertoe in deze aflevering gaarne gegeven, doch
achten thans de discussie gesloten. Red.

■-..-.HHR .„".zzzr— r:zz:.zrzz=z: El

STEDELIJK MUSEUM TE HAARLEM.

Door Burgemeester en Wethouders was aan den Gemeenteraad voor de benoeming
van een Directeur van het Stedelijk Museum een voordracht toegezonden, vermeldende
Mr. N. Beets, assistent aan ’s Rijks Prentenkabinet te Amsterdam en G. D. Gratama,
kunstschilder en leeraar aan de Ac. v. Beeld. Kunsten te ’s-Gravenhage. Gelijktijdig stelde
het College eene verordening op het Museumbeheer voor, waarbij overeenkomstig den
wensch van den eerstvoorgedragene het salaris van den Directeur zou worden bepaald
op ƒ 2000. Dit om gevolg te geven aan een uitspraak van den Raad, welke scheen te
bedoelen, dat B. en W. in hun oproep van sollicitanten een salaris konden noemen zich
voor de aanvangssom bewegende tusschen 1500 en 2500 gld., zooals zij ook hadden gedaan.

De Raad ging echter den 4en Sept. 1.1. niet met de opvatting van B. en W. mede, en
bepaalde eerst het aanvangssalaris op ƒ1500.—; daarna verzette hij zich tegen de meening van
den Burgemeester, dat nu de voordracht vervallen was en eerst Mr. Beets geconsulteerd
moest worden, (zooals niet slechts formeel maar ook moreel had behooren te geschieden),
en eischte de stemming waarbij met groote meerderheid de heer G. D. Gratama gekozen werd.

Het voegt ons niet deze keuze op zichzelve te kritiseeren, maar wij kunnen niet
nalaten een woord van ernstige afkeuring te doen hooren over de informeele wijze, waarop
deze zaak door B. en W. van Haarlem is behandeld, over de weinig loyale manier,
waarop de Raad de quaestie heeft bezien, waardoor de sollicitant, die volgens de Com-
missie van Toezicht en het Dag. Bestuur toch de eerstaangewezene was, het slachtoffer
werd van met zijn bekwaamheden niet in het minst verband houdende overwegingen.

- H. E. VAN GELDER.

Erratum. — In de mededeeling van Mr. S. Muller Fzn. over het zegel van Zweder
van Abcoude (hiervóór blz. 122) komen een paar hinderlijke drukfouten voor, doordat
de schrijver niet in de gelegenheid was de proef te corrigeeren. Men gelieve dus te lezen
op regel 16: Azincouvt, voor Avricourt en het randschrift zelf (regel 20): Sigill. mag.
Andree archid: Suession :

176
loading ...