Koninklijke Nederlandse Oudheidkundige Bond [Editor]
Bulletin van den Nederlandschen Oudheidkundigen Bond — 2.Ser. 1.1908

Page: 243
DOI issue: DOI article: DOI Page: Citation link: 
https://digi.ub.uni-heidelberg.de/diglit/bulletin_knob1908/0258
License: Free access  - all rights reserved Use / Order
0.5
1 cm
facsimile
Cornelis van Zwieten, dat sterk vreemden invloed verraadt, en ten slotte een goed ijsvermaak
van Salomon van Ruysdael met een rivier met veel figuren en een stad aan den oever. Het
in blauw gehouden doek is 75 bij 105 c.M. groot en onderaan rechts gemerkt: S. R.

Van denzelfden meester is er ook een knap ruitergevecht, overwegend in bruin, met
veel actie en met tal van figuren. Het is op paneel geschilderd, 56 bij SdVa c.M. en voluit
geteekend: S. Ruysdael 1653. Een gelijk onderwerp is behandeld door Pieter Molijn met
zware als gebeeldhouwde paarden (op paneel, 31 bij 57 c.M., beneden rechts gemerkt :
P. Molijn, P en M aaneen) en door Johannes van der Stoffe (op paneel, 59 bij 84 c.M.,
rechts beneden gemerkt: J. v. d. Stoffe).

Van Quirmus Brekelenkam bevat de collectie een goed stuk, het Mosselmaal. In
een kamer staat achter een tafel met brood en een schotel mosselen, een vrouw een mossel
in te doopen en naast haar links een man, die zich bij het vuur in den schouw warmt,
terwijl links aan een tafel een jongen zit. Het is in bruin gamma geschilderd en valt onder
de betere werken van dezen meester te rekenen, hoewel niet zoo rijk van kleur als het in 1907
door het museum gekochte stuk (Catalogus 1908, n°. 32), Het is op paneel, 50 bij 36 c.M.
en rechts beneden gemerkt: Q. Brekelenkam 1655. Op een schot op den achtergrond hangt
eene teekenmg van een uil met het opschrift: Hier sijn wij met ons tween.

Fijn geschilderd is ook een genrestukje van Willem de Poorter, op paneel, 25 bij
22 c.M. en gemerkt: WP (aaneen). Het stelt een jonge vrouw voor aan haar morgentoilet,
met loshangende haren en omgeslagen toiletmantel, voor een tafel met toiletspiegel enz. Verder
een middelmatig stukje van Anthonie Palamedesz, musiceerend gezelschap, en een groot stuk
van Abraham Begeyn (op doek, 95 bij 134 c.M.), een eendenpoel, waarop een rijkdom van
bladeren en bloemen is afgebeeld met slangen, en allerlei gedierte, waaronder een eend, een
konijn en een stekelvarken. Dit stuk is voor Begeyn zeer vlot geschilderd en rijk van kleur.

Ten slotte een Jezus in den Tempel, die door sommigen als een werk van Rembrandt
uit den eersten tijd wordt beschouwd. Door Valentiner is het in de nieuwe uitgave van
Rosenberg’s Rembrandt op bl. 531 afgebeeld en onder de twijfelachtige en onechte werken
gerangschikt en op het jaar 1628 gesteld. Het komt mij voor, dat de attributie aan Rembrandt
niet is te handhaven, al valt in eenige details aan bekende werken uit Rembrandt’s eersten
tijd te denken. Zoo herinnert de tafel met stoel rechts aan die, welke, daar links, voorkomt
op het doek »Judas brengt de zilverlingen terug” bij baron A. von Schickler te Parijs
(uit 1629) en vallen ook punten van overeenstemming aan te wijzen met de »Opwekking”
van Lazarus uit 1630 in de collectie van Yerkes te New-York. Het geheel is echter veel
zwakker dan het werk van Rembrandt uit dien tijd en doet ons eerder aan dat van een
onbekenden leerling denken. Het stuk is op paneel geschilderd, 75 bij 107 c.M.

De collectie is, met uitzondering van de Van der Does, in de groote kunstzaal
beneden tentoongesteld, waarbij ik van de bij verschikking vrijgekomen ruimte gebruik heb
gemaakt om aan het prachtige stilleven van Van Steenwijk en het portret van P. de la Court
door G. Schalcken (Catal. 1908 nos. 310 en 289) een gelukkiger plaatsing te verschaffen.

J. C. OVERVOORDE.

243
loading ...