Koninklijke Nederlandse Oudheidkundige Bond [Editor]
Bulletin van den Nederlandschen Oudheidkundigen Bond — 2.Ser. 1.1908

Page: 11
DOI issue: DOI article: DOI article: DOI Page: Citation link: 
https://digi.ub.uni-heidelberg.de/diglit/bulletin_knob1908/0025
License: Free access  - all rights reserved Use / Order
0.5
1 cm
facsimile
Door de welwillende medewerking van den Heer Kleinberger te Parijs was het mogelijk
dit stuk voor het Museum aan te koopen.

Het tweede stuk, »Scherzando” van Jan Steen, bekend uit de veiling van Fred.
Muller van 21 September 1904, is afkomstig uit de collectie van H. ten Kate, die 10 Juni 1801
te Amsterdam werd geveild, werd door den Heer A. H. H. v. d. Burgh gekocht in de
veiling J. van Rmecker te Keulen in 1888 en werd kortgeleden, nadat het doek reeds meer-
malen van eigenaar was verwisseld, door de firma Fred. Muller bij den heer Kleinberger
te Parijs aangekocht. Het was in 1890 op de tentoonstelling te ’s-Gravenhage.

Onder een knoestigen ouden boom in een mooi landschap met vergezicht teekende
ons de onovertroffen karakterschilder een stoeiend paartje, een krachtige boerenmeid, die
met reeds half gebroken tegenstand den over haar gebogen jongen afweert, die haar een
zoen wil ontrooven. Aan den boom hangt een vogelknip en op den voorgrond kijkt
schichtig een konijn dicht bij het afgeworpen juk en de fijn geschilderde manden met
gevogelte en groente. Het landschap is in kalmen toon gehouden, waardoor de hoofdgroep
te meer spreekt met de meesterlijk weergegeven trekken van den begeerig verliefden jongen
en de nog slechts in scherts weerstrevende boerendeern. Een prachtig karakterstukje met
rijke kleurspeling van geel, grijs en wit in de kleeding der vrouw. Het is op doek ge-
schilderd, hoog 651 /a en breed 80 cM.

Ten slotte kan ik nog wijzen op een groote allegorie van Vrede en Voorspoed, door
Matthijs Naiveu in 1688 geschilderd, die voor het Museum werd aangekocht, op doek
hoog 1.12V3 en breed 15 cM. en voluit geteekend Matthijs Naiveu fecit A\ 1688. Op
den voorgrond knielt een grijsaard, in wijd geplooid blauw gewaad met bruinen mantel,
bij een jonge vrouw en een staand jongetje. Achter hem de demon der afgunst, door
een reus met een knots bedreigd en in de wolken een groep engeltjes, een maagd met
palmtak en eene vrouw met den schoot vol vruchten als symbool van overvloed. Links
Mercurius en een Amor en de weggedrongen helgedrochten met fakkel en slangen. Het
is een kleurrijk allegorisch tafreel, dat den schilder in een gunstiger licht doet kennen dan
het vrij kleurloos groot regentenstuk, waardoor hij nog slechts in het Museum vertegen-
woordigd was.

J. C. OVERVOORDE.

DE VERBOUWING VAN HET LEIDSCHE RAADHUIS IN 1595-1597.

Reeds in zijn bekende, in 1890 verschenen »Geschichte der Hollandischen Baukunst
und Bildnerei”, heeft Dr. G. Galland den Leidschen raadhuisgevel aan Lieven de Key
toegekend en in dit uitnemend werk betoogt de scherpzinnige schrijver tevens, dat de
minder gelukkige plastische details moeten verklaard worden door de gebrekkige uit-
voering »an welcher der Meister zweifellos nicht beteiligt war”. Tevens wijst hij er op,

11
loading ...