Koninklijke Nederlandse Oudheidkundige Bond [Editor]
Bulletin van den Nederlandschen Oudheidkundigen Bond — 8.1907

Page: 210
DOI issue: DOI article: DOI article: DOI article: DOI Page: Citation link: 
https://digi.ub.uni-heidelberg.de/diglit/bulletin_knob1907/0216
License: Free access  - all rights reserved Use / Order
0.5
1 cm
facsimile
2 IO

gewerkt om de kerk te bouwen, terwijl de torens nooit voltooid werden.
De verschillende afmetingen der muren aan den Westbouw loonen te
Rolduc duidelijk, dat men eerst zeer laat van het voornemen de twee
torens op te bouwen is afgegaan. Het stelsel van half cirkelvormige nissen
te bouwen is te Rolduc in het transept toegepast voor het plaatsen van
altaren. De profileering te Xanten heeft ook overeenkomst met Rolduc,
evenzoo de vorming der voorvensters."

N. \l,

Zalt-Bommel.

Huis van Maarten van Rossum. — Het opknappen van den Oostelijken
gevel, na het afbreken van het belendend pand, is geschied. Ontdekt werd
een raam, uitkomende in de kamer gelijkvloers, waarschijnlijk aangebracht
bij de verbouwingen in 1613. Eigenaardig is, dat de beide eggen niet
evenveel wijken. Om het gewelf van de kamer niet te doorsnijden, moest
aan één egge eene andere richting gegeven worden.

Een kleine bakoven, die voor den dag kwam, werd dichtgemetseld;
evenzoo werd een dichtgemetselde uitgehakte opening, tot verbinding van
de beide huizen, geopend en in verband dichtgemetseld. De gedeeltelijk
gedichte ramen op de eerste verdieping werden geopend, stijlen en dorpels
vernieuwd en de ijzeren staven weder aangebracht.

De zandsteenen waterlijsten zijn vernieuwd, de ontbrekende ankers
bijgemaakt.

Delft. D. W. v. D.

Achtste ,,Tag für Denkmalpflege" te Mannheim.

Onder de talrijke groep van 273 deelnemers aan deze bijeenkomst,
die 19 en 20 September 11. te Mannheim gehouden werd, waren slechts
twee Hollanders. Toch verdienen deze bijeenkomsten ook uit ons land een
grootere belangstelling, al ware het slechts om meer bekend te worden
met het vele wat in Duitschland op het gebied van de zorg voor het behoud
van monumenten wordt verricht en het beschamend vele wat bij ons in
dit opzicht nog valt te doen. Het trof mij vooral hoe de belangstelling in
Duitschland is doorgedrongen tot een grooten kring van bouwkundigen,
wier medewerking op dit gebied van zoo overwegend belang te achten is 1).

Bij eene vergelijking met de reeds vroeger in dit Bulletin door mij
besproken bijeenkomst te Dusseldorp blijkt, dat het veld van werkzaamheid
zich allengs heeft uitgebreid. Waar vroeger de direkte monumentenzorg,
de beschrijving en bescherming, het leeuwenaandeel had in de besprekingen,
vormde deze thans een onderdeel, niet omdat de belangstelling hiervoor is
verminderd, maar omdat hierover een communis opinio is gevormd, zoodat

1) Met genoegen wijs ik op het van veel belangstelling getuigend artikel van
den architect Jan Stuyt in het üctobernummer van Van Onzen Tijd.
loading ...