Koninklijke Nederlandse Oudheidkundige Bond [Editor]
Bulletin van den Nederlandschen Oudheidkundigen Bond — 1.1899-1900

Page: 139
DOI issue: DOI article: DOI Page: Citation link: 
https://digi.ub.uni-heidelberg.de/diglit/bulletin_knob1899_1900/0150
License: Free access  - all rights reserved Use / Order
0.5
1 cm
facsimile
!39

Ter bepaling van den tijd der vervaardiging kan misschien dienen,
dat de hoed van St. Jakob volkomen gelijk is aan den hoed, dien hij
draagt op schilderstuk van H. & J. van Eijck, De Pelgrims, dat in het
Museum te Berlijn wordt bewaard en dat vóór 1440 werd geschilderd.

Dit basreliëf, hoog AI. 0.95 en breed 0.79 is No. 148 van den
catalogus van het museum van Oudheden te Utrecht.

Het hoofd van de H. Maagd en het hoofd van het kind Jezus
zijn gerestaureerd.

D. van der Keilen gaf er eene afbeelding van in zijn werk
Nedsrlands-oudheden 1861, pl. 68, welke niet geheel nauwkeurig is.

Het tweede monument is een weinig hooger, M. 1.085, maar is
aanmerkelijk breeder geweest dan het eerste. Het heeft bestaan uit drie
nissen: één hoofdnis en aan weerszijden daarvan een kleinere. Bewaard
bleven de helft van de eerste en een, de rechter, van de-laatste, tezamen
breed M. 1.04. Het geheele werk zal dus ongeveer tweemaal breeder
zijn geweest dan liet hoog was. In de midden-nis heeft gestaan een
kruisbeeld, waarschijnlijk geflankeerd door een paar beelden. Bewaard
bleef de Calvariënberg of Golgothaheuvel met kruis, waaraan echter de
linkerarm ontbreekt en de gekruisigde Christus. Van het beeld of de
groep, welke waarschijnlijk links van het kruis heeft gestaan, is ook
niets over. De Calvariënberg heeft geleden, maar kenbaar zijn nog het
doodshoofd, de «lang en, als ik 't mij goed herinner, de padde: zinnebeelden
van den boozen geest, waardoor het op den Calvariënberg staande kruis
een symbool werd der overwinning van den Gekruiste over den Satan,
zonde en-dood. De linker dwarsbalk van het kruis en de rechtstaande
balk dragen nog de sporen dat een kruisbeeld er tegen heeft gehangen.

De zijnissen zijn even hoog als de middennis, maar ter hoogte
van den kruis-dwarsbalk in de laatste is in de andere een vloer gelegd,
welke gedragen wordt een op slanke, met kapiteelen voorziene pijlers
rustende, in het midden vlak liggende boog, die gelijk de halfronde
nisboog, versierd is in Gothischen stijl. In die lagere nis rechts, aan de
achterzijde versierd met vier slanke halve pijlers, van welker kapiteelen
gewelfboogjes omhoog stijgen, ligt de kanunnik geknield; hij had het
hoofd achterover gebogen, opwaarts ziende naar den Christus, en de
handen tegen elkaar opgestoken tot gebed, maar hoofd en handen
ontbreken. Achter hem staal zijn beschermheilige, in vol bisschoppe-
lijk ornaat, doch zonder attribuut, zoodat het niet te zeggen is of hij
St. Narcissus, St. Erasmus, St. Martinus of een andere heilige is, die
bisschop was geweest. I lok de beschermheilige ziet opwaarts naar den
Christus; de rechterhand ontbreekt, maar maakte kennelijk een smeekend
gebaar; de linkerhand steunt het hoofd van den kanunnik.

Mr. S. Muller F.z. zegt in den catalogus (No. 147) dat rechts
onder het kruis stond het beeld van St.Jan. Heeft dan links onder het
kruis wellicht gestaan St. Magdalena? Naar dergelijke voorstellingen
loading ...