Van den Branden, Frans Jozef Peter
Geschiedenis der Antwerpsche schilderschool — Antwerpen, 1883

Page: 128
DOI Page: Citation link: 
https://digi.ub.uni-heidelberg.de/diglit/vandenbranden1883/0140
License: Public Domain Mark Use / Order
0.5
1 cm
facsimile
128

Joos van Cleve

schilders zeiven hunne paneelen den vorsten en grooten alom
te gaan aanbieden. Maar met hun eigenaardig karakter hadden
de Vlaamsche gewrochten ook elders al hunne aantrekkelijk-
heid verloren. Liever dan aan kopij- of bastaardwerk, gaf
men den voorkeur aan de oorspronkelijke Italiaansche schep-
pingen ; en onzeomreizende kunstenaars werden in hun uiterst
pogen schandig te leur gesteld. — Joos van Cleve ondervond
dit op de verschrikkelijkste wijze.

Deze Antwerpsche kunstenaar was van eene familie,
wier eigentlijke naam « "van der Beken » moet geweest zijn.
Onze Joos wordt dan ook in vele ambtelijke bescheiden
« Joos van der Beke, die men heet van Cleve, - en dan weer
- Joos van Cleve, alias van der Beke r> genoemd. Daaruit
zou men wel mogen veronderstellen, dat zijn geslacht van
Cleve of Kleef afkomstig was. Hij ontving het levenslicht
nog in de xve eeuw ; want ten jare i5n, toen hij ten minste
twintig jaren tellen moest, werd hij reeds als vrijmeester
der Antwerpsche Sint Lucasgilde aangenomen.

Slechts ten jare 15 16 ontving hij in Nicolaas van Brugge
zijnen eersten leerling ; maar dan moet de roem des jon-
gen Meesters toch spoedig geklommen zijn, aangezien hij
op Sint Lucasdag i5ig, bij meerderheid van stemmen, tot
Deken van de Schilders-Kamer werd verkozen ; eene eer
welke hem ook in 1525 te beurte viel. Ten jare i52o be-
woonde onze Meester, in de nabijheid der Gratiekapel, een
huurhuis, waar zijne gade, Anna Vijdt, hem toen eenen zoon,
Cornelis, en twee jaar later eene dochter, Jozijne, schonk. Op
27 Maart i528 kocht van Cleve van de ouders zijner vrouw,
Jan Vijdt, droogscheerder, en Geertruid Kareis, een huis
« het Exterken, v buiten de oude Koepoort en bij de Koepoort-
loading ...