Van den Branden, Frans Jozef Peter
Geschiedenis der Antwerpsche schilderschool — Antwerpen, 1883

Page: 962
DOI Page: Citation link: 
https://digi.ub.uni-heidelberg.de/diglit/vandenbranden1883/0974
License: Public Domain Mark Use / Order
0.5
1 cm
facsimile
962

Frans Denijs

jare 1629 vrijmeester onzer Schilders-Kamer werd, was in
1624 « constschilder van de Keyserinne, » en Matthias Sut-
termans noemde zich, in 1661, « muzikant van Sijne Keyser-
lijcke Majesteyt. »

ln Italië wedergekeerd, mocht Joost Suttermans er den
Paus en tal van groote Heeren naar het leven schilderen.
Terwijl hij verre van het vaderland verwijderd bleef, stond
hi] toch in betrekking met de voornaamste Antwerpsche
meesters. Van Dijck bezocht en konterfeitte hem te Florentië
in den winter van 1624. In i638 bestelde Suttermans aan
Rubens een zinnebeeldig tafereel van de Rampen des
Oorlogs, dat nog te Florentië praalt. Daarbij had onze
Joost eene briefwisseling met den Oppermeester, die hem
« een groot man in de schilderkunst» noemde. Suttermans
huwde te Florentië eerst Déjanira Fabretti, dan Mad-
dalena di Cosimo Mazocchi, en vervolgens Maddalena Arti-
mini, welke hem kinderen schonken, die zich echter niet in
de kunst onderscheidden. De vader behield zijn volle talent
tot het einde zijns levens, en stierf te Florentië op 23 April 1681.

Alhoewel met evenveel talent bedeeld, bleef Frans Denijs
toch zoo goed als vergeten. Omstreeks 1610 geboren, trad hij
ten jare i632 als vrijmeester bij onze Schilders-Kamer, en wel-
dra leverde hij meesterlijke portretten, welke in den trant van
Antoon van Dijck waren gemaald. Vier zijner heerlijk getee-
kende en prachtig gekleurde gewrochten bevinden zich nog
in onze nabijheid. De Baron Konstantijn de Borrekens bezit
er twee van, voorstellende : Andries van Langenberghe
en zijne gade Anna Zegers, beide gemerkt : Francois
Denijs i635. De andere twee doeken behooren den Graaf
Alfried de Baillet en prijken op diens kasteel bij Eeckeren.
loading ...